Schoolreglement
Deel IIa: Klare afspraken en regels
Deel II bevat een aantal belangrijke aandachtspuntenvan het schoolleven.
1. Inschrijving
2. Onze school
3. Studiereglement
4. Orde- en tuchtreglement
Wat hier gevraagd wordt zijn normale zaken, die niettemin heel belangrijk zijn voor het goed functioneeren van een school. Daarom eisen we dat deze punten correct worden nageleefd. Naargelang de omstandigheden kunnen wijzigingen of aanvullingen aangebracht worden.
1.1 Eerste inschrijving
Vooraleer je ingeschreven wordt, nemen jij, en je ouders, kennis van het pedagogisch project en het schoolreglement van onze school. Je kan pas ingeschreven worden nadat je ouders akkoord zijn gegaan met het pedagogisch project en het schoolreglement van onze school. Dat betekent dat je niet telefonisch ingeschreven kan worden en dat minstens een van je ouders, die handelt met de instemming van de andere ouder, aanwezig is op het intakegesprek. De ondertekening van het pedagogisch project en het schoolreglement gebeurt op school.
1.2 Voorrang
Je broers en zussen (ofwel hebben jullie dezelfde moeder of vader, al dan niet wonend op hetzelfde adres, ofwel hebben jullie geen gemeenschappelijke ouders, maar wonen jullie wel onder hetzelfde dak) hebben bij voorrang op alle andere leerlingen een recht op inschrijving in onze school. De inschrijvingsperiode en concrete procedure worden vermeld in de Maandkrant.
1.3 Herinschrijving
Eens je ingeschreven bent in onze school, ben je, tenzij je definitief wordt uitgesloten, ingeschreven voor de duur van je volledige schoolloopbaan. De school vraagt op het einde van het schooljaar, omwille van een goede en tijdige schoolorganisatie, aan elke leerling wel een herbevestiging van de inschrijving. De concrete procedure wordt vermeld in de Maandkrant.
1.4 Inschrijving geweigerd?
1.4.1 Onze school heeft het recht om je inschrijving te weigeren indien je, na een tuchtprocedure, het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar definitief werd uitgesloten.
1.4.2 Onze school heeft het recht om elke bijkomende inschrijving te weigeren wanneer wegens materiële omstandigheden de vooropgestelde maximumcapaciteit wordt overschreden.
1.4.3 Als je je aanbiedt met een inschrijvingsverslag waarmee je georiënteerd werd naar het buitengewoon secundair onderwijs, dan schrijft onze school je voorwaardelijk in. Indien de school vaststelt niet voldoende draagkracht te hebben, wordt de overeenkomst ontbonden.
1.4.4 Bij een doorverwijzing of een weigering zal het plaatselijk lokaal overlegplatform (LOP) bemiddelen.
1.5 Vrije leerling
Als je niet voldoet aan de reglementair vastgelegde toelatings- of overgangsvoorwaarden, kan je inschrijving geweigerd worden. In een dergelijk geval kan je ingeschreven worden als vrije leerling. Op een dergelijke inschrijving heb je geen recht. Ze heeft ook als gevolg dat er op het einde van het schooljaar geen studiebewijs uitgereikt kan worden.
2.1 Studieaanbod
Voor de structuur en de lessentabellen van onze duidelijk afgelijnde basisopties en studierichtingen binnen de onderwijsvorm aso en tso verwijzen we je naar onze infobrochure en de website van de school: www.smi-aalst.be.
2.2 Lesspreiding (dagindeling) – vakantie- en verlofregeling
2.2.1 Binnenkomen op school
Alle voetgangers en fietsers komen binnen langs de Vrijheidstraat. Motorfietsers gebruiken de ingang langs de Dendermondsesteenweg en wenden zich tot het secretariaat voor een afspraak i.v.m. de stalling van hun motor. De ingangen aan de Sint-Jozefstraat zijn uitsluitend voor leerlingen van de lagere school bestemd.
2.2.2 Begin van de lessen
Er wordt gebeld ’s morgens om 8.27 uur en ’s middags om 13.12 uur. Bij het eerste belteken worden de rijen gevormd aan het nummer van het leslokaal waar jouw klas op dat uur les heeft. Je gaat dus voor het 1ste en het 5de lesuur naar de speelplaats waar je in de rij moet staan. Bij het tweede belteken moet het rustig zijn en gaan de rijen ordelijk naar het leslokaal. Voor de goede gang van zaken wordt er geëist dat je vóór het eerste belteken op school bent (d.i. om 8.25 uur en 13.10 uur). De poorten gaan dicht om 8.25 uur en 13.10 uur.
2.2.3 Voor wie te laat komt
Je meldt je aan op het onthaalbureau Vrijheidstraat (SMI1) of op het secretariaat (SMI2), waar je naam genoteerd wordt en een stempel in je schoolagenda wordt geplaatst. Je toont je schoolagenda nadien in de klas aan de leerkracht van wie je les hebt.
Bij herhaling volgen aangepaste sancties (zie orde- en tuchtmaatregelen deel II punt 4.2).
2.4 Pauzes - middagactiviteiten
Tijdens de pauzes (vóór 8.30 uur, tussen 10.10 en 10.25 uur, tijdens de middagpauze en tussen 14.55 en 15.05 uur) ga je naar de speelplaats.
Op SMI1 begeef je je naar of blijf je op de speelplaats waar je voor het volgende lesuur in de rij moet gaan staan. Het gangetje tussen de “speelplaats kapel” en de “speelplaats studiezaal” moet vrijgehouden worden.
2.2.5 Einde van de lessen
Op de gewone schooldagen worden de lessen in de voormiddag gegeven tot 12.05 uur (op woensdag tot 12.00 uur) en in de namiddag tot 15.55 uur. Voor sommige klassen is er les tot 16.45 uur.
2.2.6 Verlaten van de school
Leerlingen blijven in de school zolang hun schooldag duurt.
Alle voetgangers en fietsers verlaten de school langs de Vrjheidstraat. Op SMI1 kan de uitgang langs de Dendermondsesteenweg door voetgangers gebruikt worden enkel om 15.55 uur en 16.45 uur en op woensdag om 12 uur.
Om de school tijdens de lesuren te verlaten vraag je steeds een schriftelijke toelating aan de directeur of zijn afgevaardigde.
Het is streng verboden de school te verlaten zonder deze toelating. Zoniet zullen passende orde- en eventueel tuchtmaatregelen genomen worden.
Tijdens de middagpauze blijf je op school of ga je naar huis of bij familie. Dit wordt vastgelegd in een schriftelijke verklaring na de eerste schooldag en genoteerd op je leerlingenkaart. Bij het verlaten en/of binnenkomen van de school moet je je leerlingenkaart steeds ter controle voorleggen aan de verantwoordelijke toezichthouder.
Bij een niet-correcte of valse verklaring vervalt de verantwoordelijkheid van de school en ben je niet meer gedekt door de schoolverzekering.
2.2.7 Vakantie- en verlofregeling
Omdat de concrete vakantie- en verlofregeling elk schooljaar verschillend is, vind je de informatie daarover in deel III punt 3 (jaarkalender).
2.3 Beleid inzake extramurale activiteiten
Als je ingeschreven bent in onze school verwachten we dat je vanaf de eerste schooldag tot en met 30 juni deelneemt aan alle lessen en activiteiten van het leerjaar dat je volgt. Bezinningsdagen, buitenschoolse activiteiten e.d. worden als normale schooldagen beschouwd, ook als ze meerdere dagen in beslag nemen. Ze geven je een kans om je te verrijken en je verder te ontwikkelen. Dit betekent dan ook dat je hieraan moet deelnemen.
Sommige uitstappen en meerdaagse reizen worden als niet-verplichte schoolactiviteit ingericht. Het beleid inzake deze extramurale activiteiten wordt verder toegelicht in de Maandkrant.
2.4 Schoolkosten
2.4.1 Schoolrekening
In de loop van het schooljaar ontvang je vier schoolrekeningen (zie Maandkrant september-oktober). We verwachten dat de afrekening tijdig (binnen de 8 dagen na verzending (poststempel)) en volledig betaald wordt. Je ouders zijn, ongeacht hun burgerlijke staat, hoofdelijk gehouden tot betaling van de schoolrekening. Dat betekent dat we beide ouders kunnen aanspreken tot het betalen van de volledige rekening. De school kan niet ingaan op een vraag tot splitsing van de schoolrekening. Als er tussen je ouders onenigheid bestaat over het betalen van de schoolrekening, zal de school aan elk van je ouders een identieke schoolrekening versturen. Zolang het verschuldigde bedrag niet volledig betaald is, blijft elke ouder het volledige resterende saldo verschuldigd, ongeacht de afspraken die ze onderling gemaakt hebben.
2.4.2 Bijdrageregeling
Bij het begin van het schooljaar ontvang je een lijst met financiële bijdragen (onkostennota) die van je ouders via deze schoolrekening kunnen worden gevraagd. Deze lijst bevat zowel verplichte als niet-verplichte uitgaven.
Verplichte uitgaven zijn uitgaven die je ouders zeker zullen moeten doen, bijvoorbeeld het betalen van je handboeken, het betalen van de fotokopieën,…
Zaken die de school als enige aanbiedt, bijvoorbeeld voorgedrukt examenpapier, koop je verplicht aan op school. Er zijn ook zaken die je zowel op school als elders kunt kopen. Je kiest vrij waar je deze zaken aankoopt, maar als je ze op school aankoopt, dan moeten je ouders de bijdrage betalen.
Niet-verplichte uitgaven zijn uitgaven voor zaken die je niet verplicht moet aankopen of activiteiten waar je niet verplicht moet aan deelnemen, maar als je aankoopt of deelneemt, dan moeten je ouders er wel een bijdrage voor betalen.
Voor sommige posten vermeldt de lijst vaste prijzen, voor andere posten zijn enkel richtprijzen vermeld. Bij een vaste prijs ligt het bedrag dat je voor die post moet betalen vast. Een kopie kost bijvoorbeeld X EUR per stuk. Van deze prijs zal het schoolbestuur niet afwijken.
Voor sommige posten kent het schoolbestuur de kostprijs niet op voorhand. Zij geeft voor die posten richtprijzen mee. Dit betekent dat het te betalen bedrag in de buurt van de richtprijs zal liggen. Het kan iets meer maar het kan ook iets minder zijn.
Het schoolbestuur baseert zich voor het bepalen van de richtprijs op de prijs die de zaak of de activiteit vorig schooljaar kostte.
Deze onkostennota werd overlegd in de schoolraad.
2.4.3 Kansenpas – solidaire school
In het kader van het charter Aalst ‘onderwijs en kansarmoede’ werkt onze school samen met verschillende organisaties, o.a. voor de kansenpas. Hierover vind je meer informatie in de Maandkrant.
2.4.4 Bij betalingsmoeilijkheden
Indien je ouders problemen ondervinden met het betalen van de schoolrekening, kunnen zij contact opnemen met de directeur. Het is de bedoeling dat er afspraken worden gemaakt over een aangepaste manier van betalen. De school verzekert je ouders een discrete behandeling van hun vraag.
2.4.5 Wanbetaling
Indien we vaststellen dat de schoolrekening geheel of gedeeltelijk onbetaald blijft zonder dat er financiële problemen zijn of omdat de gemaakte afspraken niet worden nageleefd, zal de school verdere stappen ondernemen. Ook dan zoeken we in eerste instantie in overleg naar een oplossing. Indien dit niet mogelijk blijkt, kunnen we overgaan tot het versturen van een aangetekende ingebrekestelling. Vanaf dit moment kunnen we maximaal de wettelijke intrestvoet aanrekenen op het verschuldigde bedrag.
3.1 Afwezigheid
Zoals je in de engagementsverklaring in deel I kon lezen, ben je verplicht om alle dagen tijdig aanwezig te zijn op school of deel te nemen aan buitenschoolse (lesvervangende) activiteiten.
Om sommige redenen mag je echter afwezig blijven. Soms is dit een recht, in andere gevallen heb je vooraf uitdrukkelijke toestemming nodig van de school. Daarvoor moet je je wenden tot de directeur. Hieronder gaan we dieper in op de verschillende redenen van afwezigheid. We vermelden telkens welke formaliteiten moeten vervuld worden en welke rechten je hebt als je door je afwezigheid lessen mist.
3.1.1 Algemene regel bij afwezigheden – de bewijslast
De algemene regel is dat je ouders steeds de school verwittigen wanneer je afwezig bent. Is de afwezigheid te voorzien en/of vereist ze het voorafgaand akkoord van de directeur of zijn afgevaardigde, dan wordt de school vooraf op de hoogte gebracht.
Bij onvoorziene afwezigheid delen je ouders de reden zo vlug mogelijk mee.
3.1.2 Je bent ziek
3.1.2.1. als je afwezig bent wegens ziekte, moet je daarvan een bewijs voorleggen.
- voor een korte ziekteperiode van één, twee of drie opeenvolgende kalenderdagen volstaat een ondertekende en gedateerde verklaring van je ouders. Je kan je afwezigheid wegens ziekte maximaal vier keer in een schooljaar op deze manier aantonen.
- een medisch attest is nodig
* voor een langere ziekteperiode, d.w.z. van zodra je vier opeenvolgende kalenderdagen ziek bent, zelfs als in die vier dagen eventueel één of meer vrije dagen zitten;
* wanneer je in hetzelfde schooljaar reeds vier keer een korte afwezigheid om medische redenen hebt gewettigd met een verklaring van je ouders (cfr. schoolagenda p. VII);
* als je afwezig bent wegens ziekte tijdens de proefwerken.
Een medisch attest wordt beschouwd als twijfelachtig in de volgende gevallen:
* het attest geeft zelf de twijfel van de geneesheer aan wanneer deze schrijft “dixit de patient”;
* het attest is geantedateerd of begin- en einddatum werden ogenschijnlijk vervalst;
* het attest vermeldt een reden die niets met de medische toestand van de leerling te maken heeft zoals bv. de ziekte van één van de ouders, hulp in het huishouden, …
Een afwezigheid wegens ziekte die gedekt wordt door een twijfelachtig attest, beschouwen we als spijbelen.
Alle consultaties zouden in de mate van het mogelijke buiten de lesuren moeten plaatsvinden.
De verklaring van je ouders of het medisch attest moet je inleveren, wanneer je de eerste dag terug op school bent.
Als je langer dan 10 opeenvolgende lesdagen ziek bent, dan moet je het medisch attest onmiddellijk op school (laten) bezorgen, vóór je terugkomst.
Als je omwille van eenzelfde medische behandeling meerdere malen afwezig bent op school, volstaat één medisch attest met de verschillende data. Ook wanneer je vaak afwezig bent wegens een chronische ziekte, zonder dat telkens de raadpleging van een arts nodig is, kan je in samenspraak met de schoolarts één enkel medisch attest indienen, dat dan, telkens als je afwezig bent, gepreciseerd wordt door een verklaring van je ouders.
3.1.2.2 Wat met de lessen lichamelijke opvoeding die je mist wegens ziekte?
Als je wegens ziekte niet kan deelnemen aan bepaalde oefeningen of aan het geheel van het vak lichamelijke opvoeding, dan moet je aan de arts een “medisch attest voor de lessen lichamelijke opvoeding en sportactiviteiten op school” vragen zodat de leerkracht lichamelijke opvoeding kan uitmaken wat wel en wat niet kan in de lessen. Kan je regelmatig of gedurende langere tijd niet deelnemen aan deze lessen, dan zal je een vervangtaak krijgen.
Als je wegens ziekte, ongeval of handicap geen lichamelijke opvoeding kan volgen, dan kan de klassenraad beslissen je vrij te stellen van dit vak, op voorwaarde dat je een aangepast lesprogramma krijgt. Dit wil zeggen dat je een ander vak volgt of dat je het vak lichamelijke opvoeding anders (bv. theoretisch) moet behandelen. Dit aangepast lesprogramma zal opgenomen worden in de eindbeoordeling. Je ouders kunnen de vraag om vrijgesteld te worden voor het vak L.O. steeds stellen. De klassenraad zal deze vraag onderzoeken, maar de vrijstelling is niet afdwingbaar.
3.1.2.3 Vrijstelling van vakken
Als je wegens ziekte, ongeval of handicap één of meerdere vakken, andere dan lichamelijke opvoeding, (eventueel tijdelijk) niet kan volgen, kan de klassenraad beslissen je vrijstelling te verlenen, op voorwaarde dat je vervangende activiteiten volgt. Je lesprogramma kan aangepast worden, maar zonder vermindering van het aantal lesuren. De klassenraad kan je vragen om de vakken op een andere manier te benaderen (bv. theoretisch) of kan je een ander vak opleggen. Uiteraard kan dit slechts in individuele en uitzonderlijke gevallen. Je ouders kunnen de vraag om vrijgesteld te worden voor één of meerdere vakken steeds stellen. De klassenraad zal deze vraag onderzoeken, maar de vrijstelling is niet afdwingbaar.
3.1.2.4. Spreiding van het lesprogramma
Soms kan de klassenraad je toestaan om het lesprogramma over twee schooljaren te spreiden. Ook hier geldt dat je ouders de vraag naar spreiding van het lesprogramma steeds kunnen stellen. De school zal deze vraag onderzoeken, maar de spreiding van het lesprogramma is niet afdwingbaar. De klassenraad zal dan beslissen welke vakken in welk jaar moeten gevolgd worden en zal je ook tussentijds evalueren.
3.1.2.5 Tijdelijk onderwijs aan huis
Als je door ziekte of ongeval tijdelijk de lessen niet (of voor minder dan de helft) kan volgen op school, heb je als regelmatige leerling recht op tijdelijk onderwijs aan huis (TOAH). Dit betekent dat je elke week 4 uur les krijgt thuis. De klassenraad beslist, in overleg met je ouders, in welke vakken.
Behalve voor chronisch zieke leerlingen , geldt dat je pas recht hebt op TOAH nadat je 21 volledige kalenderdagen ononderbroken afwezig bent geweest. Als je na een periode van TOAH opnieuw naar school komt, maar binnen 3 maanden hervalt, moet deze wachtperiode echter niet opnieuw worden doorlopen.
Als je op 10 km of minder van de school verblijft, heb je recht op TOAH. Onze school heeft het afstandscriterium verruimd. Ook als je op minder dan 15 km van de school verblijft, heb je recht op TOAH.
Als je van TOAH wil gebruik maken, dan dienen je ouders een schriftelijke aanvraag in bij de directeur en voegen daar een medisch attest bij waaruit blijkt dat je onmogelijk naar school kan komen maar dat je wel onderwijs mag krijgen. TOAH is gratis. Er wordt mee gestart uiterlijk vanaf de schoolweek die volgt op de week waarin je aanvraag werd ontvangen en ontvankelijk werd bevonden.
3.1.3 Je moet naar een begrafenis of huwelijk
Je mag afwezig zijn om een begrafenis of huwelijksplechtigheid van een bloed- of aanverwant of van iemand die bij jou thuis inwoont, bij te wonen. Je bezorgt vooraf aan de school één van de volgende documenten: een verklaring van je ouders, een overlijdensbericht of –brief, of een huwelijksaankondiging of –brief.
Naast de afwezigheid omwille van het bijwonen van een begrafenis, kan de school je n.a.v. het overlijden van een bloed- of aanverwant enkele dagen afwezigheid toekennen zodat je je emotioneel evenwicht kan terugvinden (zie punt 3.1.6).
3.1.4 Je bent (top)sporter
Als je in het bezit bent van het topsportstatuut (A of B), kan je maximum 40 halve lesdagen afwezig blijven om deel te nemen aan stages, tornooien of wedstrijden. Dit geldt niet voor het volgen van wekelijkse trainingen.
Ook sporters die niet in het bezit zijn van een topsportstatuut, kunnen van de school de toelating krijgen om deel te nemen aan een sportmanifestatie bv. op grond van een selectie door een erkende sportfederatie (zie punt 3.1.6).
3.1.5 Je mag ook afwezig zijn om de volgende redenen
- je moet voor een rechtbank verschijnen;
- de school is door overmacht niet bereikbaar of toegankelijk;
- je bent onderworpen aan een maatregel opgelegd in het kader van de bijzondere jeugdzorg of de jeugdbescherming;
- je moet proeven afleggen voor de examencommissie van de Vlaamse Gemeenschap;
- je werd preventief geschorst;
- je werd, bij wijze van tuchtmaatregel, tijdelijk of definitief uitgesloten;
- je neemt, als lid van de raad van bestuur of van de algemene vergadering, deel aan activiteiten verbonden aan het lidmaatschap van de Vlaamse scholierenkoepel;
- je wenst de feestdagen die inherent zijn aan je - door de grondwet erkende – levensbeschouwelijke overtuiging te beleven. Je ouders moeten dit wel vooraf en schriftelijk melden aan de school. De volgende feestdagen komen hiervoor in aanmerking:
* ben je moslim: het Suikerfeest (1 dag) en het Offerfeest (1 dag);
* ben je jood: het Joods nieuwjaar (2 dagen), de Grote Verzoendag (1 dag), het Loofhuttenfeest (2 dagen) en het Slotfeest (2 laatste dagen), de Kleine Verzoendag (1 dag), het Feest van Esther (1 dag), het Paasfeest (4 dagen) en het Wekenfeest (2 dagen);
* ben je orthodox (enkel voor de jaren waarin het orthodox Kerstfeest niet samenvalt met het katholieke feest): Kerstfeest (2 dagen) Paasmaandag, Hemelvaart (1 dag) en Pinksteren (1 dag).
3.1.6 Om een andere reden mag je enkel afwezig zijn als je de toestemming hebt van de school
Voor andere dan bovenvermelde afwezigheden (bv. persoonlijke redenen, schoolvervangende projecten…) heb je de toestemming van de school nodig. Je hebt dus geen recht op deze afwezigheden. Indien je de toestemming krijgt, moet je steeds een door de school gevraagd verantwoordingsstuk binnen brengen.
3.1.7 Voor wie afwezig geweest is
Bij afwezigheid krijg je steeds een afwezigheidsbericht toegestuurd. Deze brief dient door je ouders te worden ingevuld en ondertekend en samen met de nodige attesten aan de school te worden terugbezorgd.
Meld je bij je terugkeer uit afwezigheid aan op het secretariaat met deze documenten. Je krijgt dan de toelating tot de klas door een stempel in de schoolagenda. Toon je schoolagenda bij het binnenkomen van de klas en nadien aan elke leerkracht bij wie je afwezig bent geweest
3.1.8 Wat als je afwezig bent tijdens proefwerken, overhoringen, klasoefeningen of persoonlijke taken?
Vergeet niet dat tijdens je afwezigheid de lessen doorgaan. Breng nadien je notities en je schoolagenda in orde. Neem contact met de leerkrachten i.v.m. niet-gemaakte overhoringen, klasoefeningen of persoonlijk werk. Je kan verplicht worden die achteraf te maken.
Als je langdurig afwezig bent, kan de directeur of zijn afgevaardigde ook beslissen of je niet-gevolgde stages moet inhalen. Hij doet dit steeds in samenspraak met de begeleidende klassenraad. Hij beslist ook hoe en wanneer je ze dan moet inhalen.
Kan je, wegens een geldige reden, niet deelnemen aan één of meer proefwerken, dan moet je de directeur of zijn afgevaardigde hiervan onmiddellijk verwittigen. Als je langdurig afwezig bent, beslist hij steeds in samenspraak met de klassenraad of je de niet gemaakte proefwerken moet inhalen. Hij beslist ook hoe en wanneer je ze dan moet inhalen. Dit wordt aan je ouders meegedeeld.
3.1.9 Spijbelen kan niet
Hierboven heb je kunnen lezen in welke gevallen je op school gewettigd kan afwezig zijn. Leren en schoollopen kunnen soms om diverse redenen als lastige, minder leuke opdrachten ervaren worden. Blijf echter niet zomaar weg uit school. Spijbelen kan niet! Wij willen je er bij moeilijkheden, samen met het CLB, weer bovenop helpen. Daarvoor rekenen we ook op jouw positieve ingesteldheid bij onze begeleidingsinspanning. Van zodra je dossier wordt beschouwd als zorgwekkend, speelt de school jouw dossier door naar het ministerie van Onderwijs en vorming.
Indien je niet meewerkt aan onze begeleidingsinspanningen, kan de directeur beslissen om je uit te schrijven, bv. omdat je blijft spijbelen of omdat het voor de school al een hele tijd niet duidelijk is waar je bent.
3.1.10 Van school veranderen tijdens het schooljaar
Als je in de loop van het schooljaar van school wenst te veranderen, melden je ouders dit onmiddellijk aan de directeur.
3.2 Persoonlijke documenten
3.2.1 Schoolagenda
De schoolagenda is een officieel document. Hij kan steeds ter inzage gevraagd worden door de begeleidings- en inspectiediensten, ook na de studies. Uit dit document moet de geziene leerstof en het afgewerkt leerprogramma blijken.
Iedere les vul je, op aanwijzing van de leerkracht, je schoolagenda ordelijk in: het lesonderwerp, eventueel de huistaak, met onderwerp en aard van de oefening. Een gewone verwijzing naar het leerboek volstaat niet. Elke leerkracht controleert voor zijn/haar vak geregeld je schoolagenda. Iedere week wordt je schoolagenda door één van je ouders ondertekend. De klastitularis zal dit controleren.
Let op dat je na een afwezigheid je schoolagenda onmiddellijk aanvult.
De schoolagenda breng je dus elke dag mee naar school. Hij wordt op een correcte en nette manier zorgvuldig ingevuld. Hij is een communicatiekanaal tussen je klastitularis, vakleerkrachten en je ouders.
Persoonlijke ontboezemingen horen niet thuis in een schoolagenda. Evenmin is het een plaats om posters, klevers, e.d. aan te brengen. Een te slordige schoolagenda moet herschreven worden. Een schoolagenda is dus als het ware het visitekaartje van de leerling.
3.2.2 Notitieschriften
Elke leerkracht zal je duidelijk zeggen welke leerstof en oefeningen je moet inschrijven en hoe dit dient te gebeuren, en zal geregeld je notitieschriften nakijken. Zorg ervoor dat je ze steeds nauwgezet en volledig invult.
3.2.3 Persoonlijk werk
Je taken en oefeningen worden zorgvuldig gemaakt en op de afgesproken dag afgegeven.
3.2.4 Rapport
In de loop van het schooljaar wordt regelmatig een rapport uitgereikt met vermelding van de resultaten van het dagelijks werk, de proefwerken, permanente en gespreide evaluatie. De leer- en leefhouding wordt besproken in het attituderapport. De data worden vermeld in de schoolkalender van de Maandkrant van september-oktober.
3.2.5 Bewaren van persoonlijke documenten
De richtlijnen i.v.m. het bewaren van schoolagenda en notities worden meegedeeld in de Maandkrant bij de algemene inlichtingen betreffende het einde schooljaar.
3.3 Begeleiding bij je studies
3.3.1 De klastitularis
Eén van je leerkrachten vervult de taak van klastitularis. Bij die leerkracht kan je in de loop van het schooljaar altijd terecht met je vragen, je problemen in verband met je studie of persoonlijke situatie. Een gesprek in volle vertrouwen kan soms wonderen verrichten. Een klastitularis volgt elke leerling van zijn/haar klas van zeer nabij. Hij/zij is ook de meest aangewezen persoon om in te spelen op mogelijke problemen in de klas.
3.3.2 De begeleidende klassenraad
Op onze school heb je als leerling recht op een passende begeleiding. Om het contact met en de samenwerking onder al de leerkrachten te vergemakkelijken, komt er op geregelde tijdstippen een “begeleidende” klassenraad samen.
Tijdens deze vergadering verstrekt de titularis ruime informatie of toelichting over de studie van elke leerling van zijn/haar klas. Door bespreking van de studieresultaten zoekt men naar passende individuele begeleiding en kan door de klastitularis of door een vakleerkracht een begeleidingsplan worden afgesproken. Soms is doorverwijzing naar het begeleidend CLB of een andere instantie noodzakelijk. Van elke voorgestelde remediëring worden je ouders via je schoolagenda of je rapport of per brief op de hoogte gebracht.
Het resultaat van de bespreking evenals het geformuleerde advies aan je ouders wordt opgenomen in het verslag van deze vergadering en/of in je pedagogisch dossier.
3.3.3 De evaluatie
We geven je graag een woordje uitleg over de manier waarop de school je prestaties evalueert en hoe ze die informatie doorspeelt aan je ouders.
3.3.3.1 het evaluatiesysteem en organisatie
- Het dagelijks werk (D.W.)
Het D.W. omvat de beoordeling van je klasoefeningen, je persoonlijk werk, de resultaten van je overhoringen, je leerhouding zoals je inzet in de les, je medewerking aan opdrachten, groepswerk, e.d. Deze evaluatie verstrekt aan de leerkracht informatie over bepaalde aspecten van je studievordering en ontwikkeling.
Al kan je bij de planning van taken en overhoringen worden betrokken (cfr takenregister), toch kan de leerkracht onaangekondigd in elke les leerstofonderdelen individueel of klassikaal overhoren.
- Proefwerken
De bedoeling hiervan is na te gaan of je grote gedeelten van de leerstof kan verwerken. De school zelf bepaalt het aantal proefwerken. De periodes en het proefwerkreglement worden vermeld in de Maandkrant.
Naast het dagelijks werk en de proefwerken gaat, in de zesde leerjaren van het T.I.S., aparte aandacht uit naar de evaluatie van de geïntegreerde proef. Voor de geïntegreerde proef geldt een apart reglement dat aan de betrokken leerlingen wordt overhandigd.
- Permanente en gespreide evaluatie
Een aantal vakken of vakonderdelen worden permanent of gespreid geëvalueerd m.a.w. zonder proefwerken op het einde van het trimester of semester. Vooral in de eerste graad (maar ook voor sommige vakken in hogere leerjaren) wordt dit systeem toegepast.
De leerlingen worden hieromtrent duidelijk geïnformeerd door de betrokken vakleerkrachten.
- Stages
De betrokken leerlingen dienen zich te houden aan de bepalingen opgenomen in het stagereglement en het individueel stagedossier.
- Leerlingen kunnen om ernstige redenen toestemming krijgen van de directeur of zijn afgevaardigde om op een andere dan op de voorgeschreven manier overhoord te worden. Dit kan voortvloeien uit een begeleidingsplan (zie punt 3.3.2. begeleidende klassenraad) of uit een uitzonderlijke individuele situatie.
3.3.3.2 De beoordeling
De manier waarop de school leerlingen beoordeelt en/of quoteert op proeven, toetsen,of examens, wordt toegelicht in de Maandkrant september-oktober. Hier worden volgende punten besproken:
- de onderlinge verhouding tussen de verschillende vakken, de geïntegreerde proef
- de verhouding dagelijks werk/gespreide evaluatie/proefwerken en de opbouw per graad
- stages; concept van de geïntegreerde proef
3.3.3.3 Fraude
Wanneer een personeelslid van de school je betrapt op een onregelmatigheid, treft hij een passende ordemaatregel. De klassenraad oordeelt over de vastgestelde onregelmatigheid.
Elk gedrag in het kader van de beoordeling van een vak waardoor je het vormen van een juist oordeel omtrent jouw kennis, inzicht en/of vaardigheden dan wel de kennis, het inzicht en/of vaardigheden van andere leerlingen onmogelijk maakt of poogt te maken, wordt beschouwd als een onregelmatigheid. We denken bv. aan spieken, plagiaat, het gebruik van niet-toegelaten materialen, technieken en hulpmiddelen, het strategisch afwezig blijven op evaluatiemomenten…
Het plegen van fraude heeft tot gevolg dat je voor de bewuste evaluatie het cijfer nul krijgt. Wanneer de onregelmatigheid pas aan het licht komt op het moment dat er reeds een getuigschrift of diploma werd uitgereikt, dan kan de school, ongeacht het moment waarop de onregelmatigheid wordt vastgesteld, de afgeleverde getuigschriften en diploma’s terugvorderen. Dit zal gebeuren wanneer de fraude zo ernstig is dat de behaalde resultaten nietig zijn en de genomen beslissing als juridisch onbestaande moet worden beschouwd.
Het vaststellen van ernstige vormen van fraude kan bovendien leiden tot het opstarten van een tuchtprocedure.
3.3.3.4 Mededeling van de resultaten
- Rapport
Het rapport is een schriftelijk verslag van je dagelijkse werk, je proefwerkresultaten, je leer- en leefhouding. Het kan ook het advies van de begeleidende klassenraad vermelden. Daardoor is het mogelijk je werkzaamheden op school te volgen, te evalueren, bij te sturen, te belonen.
Het eindrapport bevat de jaarresultaten, de beslissing en het advies van de delibererende klassenraad.
Elk rapport laat je door één van je ouders ondertekenen. De data van de leerlingenbesprekingen en rapporten worden meegedeeld in de eerste Maandkrant.
- Oudercontacten
Op geregelde tijdstippen organiseert de school contacten met je ouders. De data van deze oudercontacten worden meegedeeld in de eerste Maandkrant. Om contact op te nemen met de school, hoeven je ouders echter niet te wachten tot het oudercontact. Een telefoontje volstaat voor een afspraak.
3.4 De deliberatie op het einde van het schooljaar
3.4.1 De delibererende klassenraad
De delibererende klassenraad bestaat ten minste uit de leerkrachten die dit schooljaar bij je opleiding betrokken zijn, en wordt voorgezeten door de directeur of zijn afgevaardigde.
Een leerkracht mag tijdens de delibererende klassenraad niet deelnemen aan de bespreking van een leerling waaraan hij privaatlessen of een schriftelijke cursus heeft gegeven of waarmee hij bloed- of aanverwant is tot en met de vierde graad.
Op het einde van het schooljaar beslist deze vergadering volledig autonoom:
- of je al dan niet geslaagd bent;
- welk oriënteringsattest en/of studiebewijs je krijgt.
Hij zal je ook raad geven voor je verdere studieloopbaan. Hij steunt zich daarbij op:
- het resultaat van je globale evaluatie (die betrekking heeft op de volledige wekelijkse lessentabel);
- beslissingen, vaststellingen en adviezen van de begeleidende klassenraad doorheen het schooljaar;
- je mogelijkheden i.v.m. verdere studies.
De beraadslagingen van de delibererende klassenraad zijn geheim.
De eindbeslissing van de delibererende klassenraad wordt aan je ouders meegedeeld via het eindrapport of per brief. Uiteraard kunnen je ouders met hun vragen steeds terecht bij de directeur, de klastitularis, de vakleraars of eventueel bij de CLB-afgevaardigde, tijdens het geplande oudercontact.
3.4.2 Mogelijke beslissingen
- Behalve op het einde van je secundaire studieloopbaan, spreekt de delibererende klassenraad zich, op basis van je prestaties in het voorbije schooljaar, op de eerste plaats uit over je slaagkansen in het volgende schooljaar:
° krijg je een oriënteringsattest A, dan word je zonder beperkingen toegelaten tot het volgend leerjaar;
° ook met een oriënteringsattest B ben je nog geslaagd: je mag naar het volgend leerjaar overgaan, maar bepaalde onderwijsvorm(en) of basisopties/studierichting(en) waarin men je weinig kansen toemeet (bv. omdat bepaalde resultaten te zwak zijn), worden uitgesloten.
° als je niet geslaagd bent, dan krijg je een oriënteringsattest C (bv. omdat het globale resultaat zo zwak is dat je niet mag overgaan naar een volgend leerjaar).
Een oriënteringsattest is bindend.
- Eindleerjaren van een graad worden bekrachtigd met een studiebewijs dat waardevol kan zijn voor je later functioneren in de maatschappij:
- een getuigschrift van de eerste graad;
- een getuigschrift van de tweede graad;
- een diploma van secundair onderwijs (op het einde van het tweede leerjaar van de derde graad);
- een getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer
- Ook als de leerling het jaar met vrucht heeft beëindigd, kan voor één of meer vakken een vakantiewerk worden opgelegd. De kwaliteit van het afgeleverde werk alsmede de ernst waarmee het werd uitgevoerd, zijn reeds belangrijk voor het volgen schooljaar.
De klassenraad kan ook uitdrukkelijk een waarschuwing geven. Ondanks een of meer tekorten, wordt toch een positieve beslissing genomen. De leerling krijgt met hulp van de school één jaar tijd om bij te werken. Komt er echter geen merkbare positieve evolutie, dan kan men het volgend schooljaar onmogelijk even soepel zijn.
- Verlenging van de evaluatietermijn
De delibererende klassenraad beslist of je het leerjaar al dan niet met vrucht hebt beëindigd. Soms is een definitieve beslissing voor 30 juni niet mogelijk en wenst hij eerst meer gegevens te verzamelen. Hij kan je dan een uitgestelde proef (herexamen) opleggen. Herexamen krijg je ook indien je een tekort hebt voor een vak waarvoor je het vorige schooljaar een vakantiewerk had dat onvoldoende werd gequoteerd.
Je wordt hiervan via het eindrapport of per brief verwittigd.
3.4.3 Geschreven adviezen
De delibererende klassenraad kan, zowel bij een oriënteringsattest A, B of C, een advies formuleren en dit schriftelijk via je rapport of een brief aan je ouders meedelen. Dit advies kan o.a. bevatten:
- raadgevingen inzake je studie- en werkmethode;
- een verwittiging voor vakken waaraan je het komende schooljaar extra aandacht moet schenken;
- concrete individuele suggesties om vastgestelde tekorten of zwakke punten weg te werken;
- suggesties voor het verder zetten van je studies (bijvoorbeeld het al dan niet overzitten).
Een advies van de delibererende klassenraad is niet bindend maar het geeft je wel een ernstige aanduiding en wordt dan ook het best opgevolgd.
3.4.4 Betwisting van de genomen beslissing door je ouders
De beslissing die een delibererende klassenraad neemt, is steeds het resultaat van een weloverwogen evaluatie in het belang van de leerling. Het is uitzonderlijk dat dergelijke beslissingen door ouders worden aangevochten. Mocht dit bij jou toch het geval zijn, dan kunnen je ouders volgende procedure volgen.
3.4.4.1 Uiterlijk op de derde werkdag na de uitdeling van de rapporten, kunnen zij een persoonlijk onderhoud aanvragen met de afgevaardigde van het schoolbestuur of de voorzitter van de delibererende klassenraad (meestal de directeur) of zijn afgevaardigde. Dit gebeurt ofwel telefonisch op het nummer 053 76 95 70 tussen 9 en 17 uur, ofwel schriftelijk bij de directeur.
Tijdens dit overleg maken je ouders hun bezwaren kenbaar. De afgevaardigde van het schoolbestuur of de voorzitter van de delibererende klassenraad (meestal de directeur) of zijn afgevaardigde toont, aan de hand van je dossier, aan dat de genomen beslissing gegrond is.
Dit overleg, waarvan het resultaat per aangetekende brief aan je ouders wordt meegedeeld, leidt tot één van de drie volgende conclusies:
- men heeft je ouders er inderdaad kunnen van overtuigen dat de genomen beslissing gegrond is: er is geen betwisting meer;
- men oordeelt dat de door je ouders aangebrachte elementen geen nieuwe bijeenkomst van de delibererende klassenraad rechtvaardigen, maar je ouders zijn het daar niet mee eens; betwisting blijft bestaan;
- men is van oordeel dat de redenen die je ouders bij hun betwisting aandragen, het overwegen waard zijn. In dit geval roept men zo spoedig mogelijk de delibererende klassenraad opnieuw samen; de betwiste beslissing wordt opnieuw overwogen. Afhankelijk van het resultaat van deze bijeenkomst, die aan je ouders ook schriftelijk wordt meegedeeld, blijft de betwisting al dan niet bestaan.
3.4.4.2 Als de betwisting blijft bestaan, dan kunnen je ouders per aangetekende brief beroep instellen bij de voorzitter van de interne beroepscommissie van de school p/a Esplanadeplein 6 9300 Aalst. Dit moet gebeuren uiterlijk op de vierde werkdag na verzending (poststempel) van het resultaat van:
- hetzij het overleg waarbij de betwiste beslissing bevestigd werd;
- hetzij de nieuwe klassenraad, bijeengeroepen op basis van elementen van het overleg, waarmee je ouders echter nog niet akkoord kunnen gaan.
Het niet-naleven van de vormvereiste en/of de termijn leidt tot de onontvankelijkheid van het beroep.
De beroepscommissie onderzoekt je klacht grondig en deelt het resultaat mee aan het schoolbestuur.
3.4.4.3 Het schoolbestuur beslist op grond van het door de beroepscommissie uitgevoerde onderzoek of de delibererende klassenraad wel of niet opnieuw moet samenkomen:
- indien de delibererende klassenraad niet opnieuw moet samen komen, deelt het schoolbestuur deze beslissing binnen een redelijke termijn bij aangetekend schrijven aan je ouders mee en motiveert ze;
- indien de delibererende klassenraad wel opnieuw moet samen komen, gebeurt dit ten laatste op 15 september van het daaropvolgende schooljaar. Het schoolbestuur deelt de gemotiveerde beslissing van de delibererende klassenraad binnen een redelijke termijn bij aangetekend schrijven aan je ouders mee.
3.4.4.4 Maar hopelijk komt het allemaal zo ver niet en slaag je erin op 30 juni het schooljaar succesvol af te sluiten, zodat jij zelf en je ouders best tevreden zijn met je resultaat. Dat succes wensen wij je ook van ganser harte toe!
INFODAG 11 maart 2012
Info en inschrijvingen speciaal voor leerlingen en hun ouders van de 6e leerjaren
op zondag 11 maart 2012 van 14 tot 18u - ingang via de Vrijheidstraat